Door: Thomas van de Sande
Hierbij mijn tweede bijdrage aan de blog van Hilde. En misschien ook wel de laatste…De tijd vliegt hier, net als wij…
Eerste stop na Toraja (nou ja, eerst nog na een busrit van 12u,een korte nacht, een rit van 5u, een ferrytocht van 5u en een speedboottocht van 30 min) waren de Togean Islands… Niet de best bereikbare plek ter wereld, maar wel een van de mooiste plekken ter wereld. Hilde en ik vonden de we de kerst in redelijke luxe konden doorbrengen en daarom hebben we ons verwend met een weekje rust in Black Marlin Dive Resort. Op een mini eiland een half uur onder de evenaar hebben we heerlijke (kerst)dagen doorgebracht met een handjevol andere toeristen die
de trip ook hadden durven maken. Mooi om te zien dat de meeste mensen die de zelfde moelijke bestemming kiezen om te duiken ook dezelfde mindset hebben. Daardoor kan bijna vanzelfsprekend iedereen het goed met elkaar vinden…Zo hebben we de kerst met wild vreemden toch nog in een familiare setting doorgebracht.
Omdat er verder niets te koop is op het eiland wordt er drie keer per dag voor je gekookt (ayam, uiteraard, maar ook veel verse vis!). Er rest dus niets anders dan chillen, snorkelen, een kerstduik (nieuwjaarsduiken zijn zo 2010..) en een beetje lezen. Heerlijk! Juist omdat de reis erna toe zoveel moeite kost is de locatie dubbel en dwars de moeite waard. Het is heerlijk rustig, en wonderschoon. Voor de grootste happening van de dag verzamelde iedereen zich met een kop thee op de steiger om de aankomst van de nieuwe mensen te aanschouwen, die die dag met de ferry waren aangekomen…
Na 6 dagen rusten was het tijd voor actie. De enige boot van de week nam ons mee naar het noordelijke deel van Sulawesi. Eerst naar Gorontalo en daarna door Manado voor nieuwjaar. Elke keer denk ik weer, hoe lang kan dat nu duren: 350km met de auto. Een ochtend moet toch genoeg zijn…Echter door verscheidene redenen (bochten, drempels, kippen, koeien, modder, stenen en wegwerkzaamheden) daalt de gemiddelde snelheid onder de dertig km per uur en dus kost het je toch weer 12 uur…
Gebroken, bezweet, en vermoeid van ‘het harde leven’ als reiziger ploffen we neer in Manado om ons op te maken voor een nieuwsjaars party…Als we die kunnen vinden…
Nieuwjaar in Manado wordt gevierd op straat, maar omdat er niet echt een feest is, wordt er vooral veel gehangen (volkssport #1 in Indonesie) en met knalhard vuurwerk gegooid (volkssport #2 in Indonesie). Vooral de ‘stoere’ jochies van 8 tot 14 werken op je zenuwen als ze weer strijkers aan het gooien zijn. Gelukkig vonden we een hippe tent om een drankje te doen en te schuilen voor een plaatselijke plensbui. Niet zo stoer, maar wel romantisch hebben we om twaalf uur het vuurwerk vanuit het hotel op de 5e verdieping bekeken.
Na twee weken op Sulawesi, wilden we nog verder naar het oosten, op zoek naar het einde van de wereld. Hoewel ik had gedacht dat Sulawesi al rustig en leeg zou zijn, was dat niet echt het geval (behalve op de Togean Islands dan). Indonesie is groot, maar er zijn ook heel veel Indonesiers… Hoewel het aantal toeristen is reduceerd tot een handje vol per stad, waren overal nog bussen vol Indonesiers aanwezig.
De volgende bestemming is Ternate, Molukken, het transport een klein vliegtuigje met propellers. Het piepkleine vulkaaneilandje (even groot als Texel) Ternate was ooit (16e eeuw) een van de rijkste sultanaten van Azie door
de exclusieve wereldwijde export van nootmuskaat en kruidnagel. Tot de Nederlanders binnen kwamen stampen en een handelsmonopolie op brute wijze afdwongen. De VOC heeft Nederland grootse welvaart gebracht en vele oorlogen en staatsschulden betaalt, maar het is een stukje geschiedenis met een duister randje (wie herinnert zich Max Havelaar nog?!…). Vele restanten van forten herinneren nog aan de 16e eeuwse glorie van Nederland. (Overigens konden de Spanjaarden en Portugezen er ook wat van, maar de Nederlanders waren het meest bekwaam in hun ‘handelsstrategie’…)
We hebben een dagje getourd langs Hollandse forten in kleine blauwe busjes. Deze ‘Bemo’s’, zijn van die Suzuki busjes, waarvan je verwacht dat ze omvallen op de rotonde. Nu hebben ze geen rotondes in Indonesie, maar is het de coolste baan van de wereld om bemo-chauffeur te zijn in het meeste gepimpte busje. Spoilers, grote flatscreens, spiegels, neonverlichting, maar vooral harde, harde muziek zijn de manier om je bus te promoten. Daarom kan je dus voor 3000 Roepia-tjes (=25 cent), een unieke, trommelvlies scheurende video van de Boyzone,Mariah Carey of Celine Dion meepikken…En ondertussen ook nog worden thuisgebracht…Wat wil je nog meer?!?
Op het moment van schrijven zitten we in Ambon, naar een tocht van 20u op een grote boot (nog net niet de Titanic, maar wel bijna). Gelukkig hadden we een eigen bed in een hut (wel man en vrouw gescheiden), zodat we af en toe even de starende blikken konden vermijden en even kunnen chillen zonder giechelende kinderen die je willen aaien…
Morgen vliegen we nog verder naar het einde van de wereld: de Kei Islands. Hier gaan we weer lekker rusten (zoals ik al zei, het leven als reiziger is nogal zwaar,
). Als de boot komt, gaan we nog een halte verder richting het einde van de wereld: de Banda Islands. Maar dat weet je nooit totdat de boot ook daadwerkelijk de haven uitvaart…
En als er dan nóg een boot komt (de vlieglicensie van 2012 is nogsteeds niet uitgeven aan een vliegmaatschappij, dus wordt er nu helemaal niet meer gevlogen. In tegenstelling tot 2011, toen werd er tenminste nog soms, met goed weer, en de goede windrichting, en de goede windkracht, en als de piloot zin had, en als woensdag of vrijdag was en als er genoeg passagiers waren, gevlogen. Misschien…) dan komen misschien ook nog daarvandaan… Terug naar de bewoonde wereld…
Maar dat is nog zo ver weg…Eerst nog maar eens chillen, een weekje of twee. Of drie…
52.000000
4.367000